Wisselzang

In de Westerkerk zingen we regelmatig liederen in wisselzang, een afwisseling tussen allen, koor, vrouwen en mannen. Ik krijg daarover soms een vraag. Soms zijn kerkgangers teleurgesteld dat ze heel dierbare woorden niet mogen meezingen, omdat de andere sexe aan het woord en aan de toon is. Waarom die wisselzangen?

In de Wester zingen we van een lied veel en vaak alle coupletten. Met name als die coupletten lang zijn raken veel kerkgangers buiten adem en loopt de kwaliteit van het zingen terug. Niet uit gebrek aan enthousiasme maar bij gebrek aan zang – conditie. We zingen nu eenmaal veel minder dan vorige generaties en dat is te merken.

Bij wisselzangen kunnen de kerkgangers dus beurtelings op adem komen. Wat nu als je een van je lievelingscoupletten niet kunt meezingen? Misschien heeft u wat aan dit historisch perspectief.

Wisselzangen zijn zo oud als de kerk zelf. In  kloosters worden de Psalmen van oudsher in beurtzang gezongen. Dat is ook om de monniken en nonnen op adem te laten komen. Om misverstanden te voorkomen: in de kloosters is er geen beurtzang tussen vrouwen en mannen, die leven in instellingen van die naam niet onder het zelfde dak. De beurtzang speelt zich daar af tussen tegenover elkaar opgestelde kloosterlingen. Op adem kunnen komen was en is daarvoor een reden. Een mogelijk even belangrijk argument voor wisselzang is het volgende. Op het moment dat je zwijgt worden de woorden aan jou bediend, je neemt dan deel aan de tekst door te luisteren. Een volgend moment bedien jij het woord aan de anderen. Beurtzang is dus niet alleen op adem kunnen komen, maar ook afwisselend dienen en gediend worden.

In eerste instantie zingen we tot eer van God, die troont op de lofzangen van Israel. Als in ons zingen iets doorklinkt van het gemeente zijn en de wisselende rollen van dienen en gediend worden die een ieder in die gemeente speelt, is dat mooi meegenomen. Zo komen we op de spreuk die sinds 1686 boven het hoofdorgel van de Wester staat. Deo et Proximo, voor God en voor de naaste. In deze context is het geoorloofd de spreuk wat vrijer te vertalen. Tot eer van God en tot stichting van de naaste.

Alle dagen even heilig?

Zondagsheiliging

Zondag 13 februari is een volle en wel bestede dag. De dag begint om acht uur in de Westerkerk met de voorbereiding van de dienst na een wandeling van ruim een half uur door de Amsterdamse grachtengordel. Fluitste Marian Jaspers Fayer werkt mee, haar bijdragen moeten goed worden voorbereid.

Musiceren in de kinderkerk

Voorganger is dr. Albert van den Heuvel, met een uiterst originele en tot nadenken stemmende preek over de zaligsprekingen. Een deel van die preek mis ik om een bijzondere reden. Met Marian ga ik naar de kinderkerk om daar voor de kinderen te musiceren. Albert weet me met zijn preek, lezing en gebeden te inspireren tot ingetogen improvisaties en begeleidingen. De gemeente reageert adequaat en neemt de door mij aangereikte affecten perfect over.

Concerten

Na kerktijd snel naar Het Orgelpark om met studenten en oud-studenten de première te spelen van Zèta, een nieuw werk voor zes orgels en draaiorgel van Eric de Clerq. Het concert maakt deel uit van het XENAKIS festival en is druk bezocht. Na enige uren van rust vertrek ik naar Leiden. Robert Holl en Rudolf Jansen geven daar een uitvoering van Die Winterreise van Franz Schubert. Een indrukwekkend concert, meer of minder is er niet over te zeggen.

IJkpunt van de week

Is dit nu zondagsheiliging? Een concert geven, een concert bezoeken? Ik denk het wel, de dag begint immers met het belangrijkste en meest uitdagende wat mij te doen staat, de muzikale invulling van de dienst in de Wester. Dat is mijn ijkpunt van de week, vaak ga ik daarna regelrecht de wereld weer in. Veel mensen keuren concerteren en concertbezoek op de Dag des HEEREN af. Toch heb ik geen moeite met mijn besteding van de zondag, zolang ik de overige zes dagen van de week bewust heilig.

Voorrecht

Zojuist, maandagochtend half zes, heb ik mijn bijdragen aan de liturgie van komende zondag uitgezocht en op de mail gezet. Er gaat geen dag voorbij of ik ben bezig met Bijbel, liedboek en allerlei vormen van kerkelijk werk. Een gesprek of discussie over geloofszaken is mijn dagelijks brood. Werken in de kerk is een voorrecht, je krijgt de gelegenheid om alle dagen van de week te heiligen als waren zij de Sabbath. Maak mijn uren en mijn tijd tot Uw lof en dienst bereid. Zou de Schepper die de Sabbath instelde het echt afkeuren dat wij op Zijn dag woekeren met het van Hem ontvangen talent en op adem komen, niet alleen in Zijn huis maar ook in de concertzaal?

Bijzonder project in het Orgelpark

Premièrestuk voor zeven orgelsPremière in het Orgelpark

De eerste twee weken van februari staan in het teken van een tweetal projecten in Het Orgelpark in Amsterdam. Donderdag 3 februari verzorgden we een componistenportret van Daan Manneke, zondag 13 februari om 14.15 uur werken we mee aan een concert in het kader van het XENAKIS festival. We geven de première van een werk van Eric de Clerq: Zèta, een werk voor zeven orgels. Dagelijks repeteren we van acht tot tien uur –  ’s ochtends, wel  te verstaan.

Samenwerking

Het is een bijzonder genoegen met leerlingen en oud – leerlingen samen te werken. Interessant te horen hoe de oud- leerlingen zich nog steeds verder ontwikkelen als orgelspelers, drukke les – en kerkmuziekpraktijken ten spijt. Boeiend om weer bij te praten.  Voor  huidige studenten  en oud – studenten is het goed elkaar te ontmoeten.

Doet u ook mee?

Het concert van 3 februari was een succes, van 13 februari hebben we hoge verwachtingen.  We ontmoeten componisten, publiek en elkaar. Het Orgelpark is een ideale locatie om samen te musiceren en van gedachten te wisselen. Hartelijk welkom als luisteraar en als deelnemer aan de gesprekken!

Achtergrond lessen

In de loop der jaren heb ik veel mensen lesgegeven. Amateurleerlingen onderwijs ik in mijn privépraktijk en – jaren geleden – aan de muziekschool, aan een drietal conservatoria gaf ik sinds 1980 les aan vakorganisten uit binnen – en buitenland. Vanaf 1992 ben ik verbonden aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag.

Briefe zwischen der Arbeit

Jos van der Kooy, organist en improvisator, schrijft een tweewekelijks blog Briefe zwischen der Arbeit voor zijn luisteraars en lezers. Read the rest of this entry »